Reisverslag Laos

(Klik op de vlag om de route te zien die we gevolgd hebben door Laos)

Reisverslag Cambodja

Reisverslag Thailand

De verslagen van onze 2002/2003 fietsreis
Vientiane - Sihanoukville - Buriram door Laos, Cambodja en Thailand.
Vrijdag 22 & zaterdag 23 november

Schiphol - Bangkok.

  Gelukkig krijgen we een lift van John en is Els ook mee om ons uit te zwaaien. Na het inchecken (wat toch altijd weer spannend is met fietsen) krijgt iedereen een laatste zoen en gaan de douane door. Nog even shag scoren voor Marcel want niet alleen het locale eten is moeilijk te verteren maar ook de rookwaar vraagt wat aanpassingsvermogen, vandaar.
Het vliegtuig in en daar gaat Jeroen .... voor het eerst van z'n leven de lucht in. Gelukkig valt het vliegen alles mee. Over de reis kunnen we kort zijn: te doen maar wel ééérg lang (12 uur).
In Bangkok snel de paspoort controle door en de fietsen ophalen. Wat schets onze verbazing; ze staan al klaar naast de bagageband. Inpakken en wegwezen dus. Gelukkig zien we in de aankomsthal al snel een schijnend kaal koppie staan. Met Kees in de gelederen is nu het team voor de eerste weken compleet.
Eerst even onze fietsen naar de "left lugage" brengen en daarna Bangkok in met de bus. Dat is meteen een belevenis. Lekker scheuren door een stad met 14 miljoen inwoners die zaterdagochtend om half zeven allemaal al wakker lijken te zijn, zo druk is het al. We gaan op weg naar de "Weekend Market" om in de stemming te komen. Daar staan Veow & Meow al te wachten om ons welkom te heten. Nadeel is alleen dat Thaise vrouwen nog meer van winkelen houden dan Nederlandse dus het is al snel duidelijk dat we de grote (1.50 m lange)" bazen moeten volgen de markt over. Gelukkig is er veel te zien en te ontdekken. Ook moeten we van onze gidsen alles eten wat er te koop aangeboden wordt. Zelfs Marcel valt van z'n geloof af en wordt volgepropt. Daarna naar een shopping mall om weer te gaan eten.... Dit keer houdt Marcel echter z'n poot stijf: er komt geen korreltje rijst meer binnen.
Aan het eind van de middag nemen we afscheid van Veow & Meow en gaan met de bus terug naar het vliegveld om de fietsen in elkaar te zetten. In vergelijking met onze China trip is dit keer gelukkig wel alles aanwezig (op het magneetje na dat Rob van fietsenspeciaalzaak Profile der Kinderen is vergeten te monteren op de mountainbike van Kees, grrrr). Dan op naar het station bij het vliegveld om daar rustig te wachten op de slaaptrein die ons naar Nong Khai bij de grens met Laos zal brengen. De trein vertrekt hier in Thailand -in vergelijking met Nederland- gelukkig wel volgens schema en gelukkig mogen onze fietsen naar wat heen en weer geren en geschreeuw ook mee. Als laatste wapenfeit van deze dag maken we nog even ruzie met de baas van de trein want ondanks dat we aangegeven hebben dat onze fietsen ook mee moeten ontbreken de kaartjes voor de fietsen. Maar nadat het beide partijen duidelijk is wat eigenlijk de bedoeling was hebben we wat bijbetaald. Daarna bijna direct onze bedden opgezocht om te gaan slapen. We gaan snel onder zeil na deze hectische dag.


Zondag 24 november

Nong Khai (Thailand) - Vientiane (Laos). (37 kilometer).

  Om half vijf wordt de jetlag ons te machtig en zitten we rechtop in onze bedjes. Ook de kou (met kippenvel tot gevolg) begint ons op dit onchristelijke uur te machtig te worden. Dus truitjes aan en rustig uit het raam naar het landschap kijken, onder het genot van het geraas van de locomotief die pal voor onze ogen zijn uiterste best doet.
Geheel op schema komen we aan in Nong Khai. We tillen onze fietsen uit de trein en, zonder ons druk te hoeven maken om de taxichauffeurs om ons heen die alle andere reizigers in hun karretje proberen te lubben, gaan we richting de markt voor een ontbijtje. We stappen af nabij de oever van de Mekong en gaan zitten op een terras met uitzicht op de Laos aan de andere kant van de rivier. We scoren daar Pa ton go (een soort oliebollen, maar dan anders), het lievelingsvoer van Kees die s' ochtends vroeg wat problemen heeft met rijst. Omdat we vlak bij de markt zijn besluiten we een ommetje te maken en Jeroen grijpt de kans aan om zijn munten verzameling nog wat uit te breiden. De ouderdom van het aangeboden geld wordt, door de niet verzamelaars, in twijfel getrokken dus besluit Jeroen om uiteindelijk maar niets te kopen.
Dan is het tijd om op de fiets te stappen, op naar de Friendship Bridge die hier de grensovergang tussen Thailand en Laos vormt. Na ontelbaar veel loketten, waar we iedere keer ook veel papieren moeten invullen en natuurlijk betalen, belanden we eindelijk in Laos. Eindelijk in Laos aangekomen is het rustig uitfietsen naar het centrum van Vientiane en daar scoren we een verdiend colaatje. Naar verwachting de eerste van vele deze reis.
Vanaf het terras bellen we met Nut en Joost (vrienden van Kees) en zowaar we vallen meteen met onze neus in de boter. De expats hebben vandaag een feestje en wij moeten zeker ook even langs komen om over ons idiote plan (fietsen naar Cambodja) te vertellen. Nut haalt ons op met de auto. Tassen achterin en wij met 40 kilometer per uur achter haar aan dwars door Vientiane. Er waren wel stoplichten onderweg wist Jeroen later te vertellen maar Kees en Marcel zweren dat ze geen stoplicht gezien hebben, ze waren te druk bezig om de auto van Nut bij te houden.
Bij het feest aangekomen krijgen we van Joost meteen een fles bier in de handen gedrukt want volgens hem zijn onze rode koppen niet echt gezond en de beste remedie tegen rode hoofden is het aanvullen van het vochttekort.
Na met de Nederlandse kolonie kennis gemaakt te hebben (waarbij het bier dat onze Russische vrienden beschikbaar stelden een belangrijke rol speelde) op naar het huis van Joost en Nut om onder de douche te gaan en het eerste zweet van onze reis van ons af te spoelen.
We brengen de avond onder het genot van nog een koude versnapering, een BBQ en een mand kleefrijst met de benen op tafel door.


Maandag 25 & dinsdag 26 november

Vientiane (27 kilometer).

  Vandaag staan we rustig op en gaan na een fantastisch Nederlands ontbijt de stad in (We mogen de Nutella van Julie en Corry (de kinderen van Joost en Nut) lenen wat vooral Marcel kan waarderen). Eerst op zoek naar een internet café en de Cambodjaanse ambassade om de visa te regelen. Om na alle plichtplegingen vervolgens rustig te genieten van de enorme hoeveelheid highlights die deze wereldstad te bieden heeft. Welke ? Dat kunnen we wel vertellen maar het is waarschijnlijk leuker om naar de foto's te kijken in de fotogalerie Vientiane & Noord Laos.


Woensdag 27 november

Vientiane - Paxsan (144 kilometer).

  Vandaag gaat de fietsreis echt beginnen !
Na een paar dagen reizen, papierwerk en vooral niet te vergeten het fantastische onthaal van Nut en Joost krijgen we vandaag de eerste 150 kilometer voor de kiezen.
Om 7 uur rijden we Vientiane uit na uitgezwaaid te zijn door Nut, Corry en Julie. We vormen meteen een oud Hollandsch waaiertje waar we de rest van de dag in blijven rijden. Ondanks dat de omgeving niet echt spectaculair is, is er toch veel gezien onderweg. Vooral de eerste 50 kilometer zijn er veel mensen op en langs de weg en is leuk om je heen te kijken.
We vliegen over de weg en hebben zo de eerste 100 kilometer weggetrapt. 20 kilometer later zitten we bij een kraampje wat bij te komen van de middaghitte. De uitbaatster trek ons aand de mouw want er komen 2 fietsers aan vanuit de richting Paxsan. Het zijn 2 Duitsers die in 5 maanden Vietnam, Laos en Thailand doorkruizen en daarna richting Maleisië gaan. Ze houden er wel een ander ritme op na blijkt als ze over hun avontuur vertellen. Ze beginnen zo rond 9 uur en fietsen rustig tot het begin van de middag door. Wij zullen deze vakantie 9 uur als starttijd waarschijnlijk wel nooit halen omdat we de hitte een beetje willen ontlopen, maar diep van binnen zijn we een beetje jaloers op deze luilakken. Nadat het gesprek op voetbal komt valt het stil (de heren willen weten of Duitsland de afgelopen interland heeft gewonnen en Jeroen weet haarfijn te vertellen dat Nederland te sterk voor ze was) en besluiten we weer op de fiets te springen voor de laatste 30 kilometer. Nu we stil hebben gezeten is het verschrikkelijk moeilijk om weer op gang te komen en we zijn dan ook blij als we Paxsan binnenrijden en nemen het eerste hotel dat we zien, of dat het beste hotel is zullen we nooit weten.

Goede reis !
Na een dag op de fiets even heerlijk
slenteren over de markt van Paxsan.
Snel douchen en de stad in. Paxsan blijkt een leuke markt te hebben waar vooral Jeroen z'n ogen uitkijkt en volop foto's maakt. Om vervolgens op zoek te gaan naar een restaurant. Alle Laotiaanse vingers wijzen in de zelfde richting: een groot restaurant vlak bij ons hotel. De lokale inlichtingen zijn correct want het eten is prima.
Na het heerlijke diner zakken we bijna van vermoeidheid van onze stoelen en besluiten om terug te gaan naar het hotel om op tijd te gaan slapen. Dat blijkt lastig want het hotel wordt ook gebruikt als bordeel, dus nemen we maar een biertje en wachten rustig totdat de klandizie en de bijbehorende lawaai wat minder worden.

Donderdag 28 november
Paxsan-Savanneket (45 kilometer en rest met de bus)

  Na een goede nacht gaan we bij het ochtendgloren weer op pad. Dat is gisteren namelijk goed bevallen. De eerste kilometers zitten er al snel weer op. Bij kilometerpaaltje 30 stoppen we voor het ontbijt. De keuze is simpel een noedelsoepje of anders niets. Jeroen ziet deze uitgebreide menukaart in 2e instantie niet zo zitten. Zodra het soepje op tafel verschijnt en hij de ronddobberende ingewanden ziet trekt hij wit weg. Met lange tanden neemt hij nog wel een paar hapjes omdat hij weet dat je als fietser goed moet eten om niet geveld te worden door de gevreesde hongerklop maar besluit het ontbijt toch te laten voor wat het is.
Tijdens het ontbijt evalueren we de eerste kilometers van de dag. Unaniem is het oordeel dat het landschap tegenvalt (zoals iedereen ons in Vientiane al ingefluisterd had). Gelukkig volgen er na ons ontbijt waarachtig 20 mooie kilometers met uitzicht op karstgebergte links en vergezichten over de Mekong aan onze rechterkant. Maar daarna is het weer saaiheid troef.

Even de toerist uithangen bij een van de tempels die we onderweg tegenkomen.
Zowaar een bocht in de weg en meteen een schitterend uitzicht.

  Al snel krijgt Marcel zijn eerste lekke band van de reis en terwijl we de band aan het plakken zijn stopt er voor onze neus zowaar een bus op weg naar Savannaket. De keuze is snel gemaakt. Kees dirigeert de fietsen de bus in en zo gaan verder. Jeroen is een beetje overrompeld door deze actie, maar Marcel laat blijken dat hij het een goed idee vindt. En zo zijn we voor de avond wordt toch weer 250 kilometer verder.
In Savannaket flaneren we nog wat over de boulevard langs de Mekong en genieten van de zonsondergang en het stadsleven. Daarna gaan we op zoek naar een guesthouse waar de voornaamste activiteit van de gasten slapen is. Bij navraag blijkt dat bij het door ons uitverkoren guesthouse inderdaad zo te zijn dus vanavond zit het wel goed met de nachtrust.



Vrijdag 29 november

Savannaket - Pakse (111 km en rest met de bus)

  Hetzelfde recept als gisteren: eerst een stukje rijden en daarna de bus in. Na zo'n 100 kilometer fietsen komen we om 1 uur aan in Pakson. Het is dan al verschrikkelijk heet en het uitzicht vanaf Highway 13, die de eerste 45 kilometer nog aardig is, is het laatste stuk eindeloos saai. Krijgsraad levert op dat we er voor vandaag een punt achter te zetten. De keuze is of hier in Pakson één van de twee guesthouses te nemen of een bus te scoren naar Pakse (kunnen zo een etappe over te slaan zodat we tijd hebben om een extra rondje over het Bolaven plateau te maken). De keuze is snel gemaakt, gezien het landschap, de zinderend hete en de kaarsrechte weg; de bus in. De lokalen weten ons te vertellen dat de bus pas tegen 4'en langskomt dus voegen nog een extra 20 kilometer aan het dagtotaal toe voordat we de bus induiken.

Monniken onderweg langs HW 13.
De eindeloze, kaarrechte en snikhete Highway 13 die ons naar het zuiden brengt.

Het is al donker als we in Pakse aankomen en is het vanuit het busstation nog 8 kilometer fietsen naar het centrum. Dus cateye voor en achter en de laatste kilometers van vandaag gaan in recordsnelheid. We zoeken een rustig guesthouse uit en dan is het alweer weer tijd om lekker te gaan eten. De keus valt op de chinees om de hoek waar het vol zit met lokaaltjes en dus moet het eten goed zijn. Tijdens het diner besluiten we om morgen de Lonely Planet route te volgen het Bolaven plateau op. En nu: hup naar bed.



Zaterdag 30 november

Pakse-Paksong (86 kilometer).

  Zoals aangekondigt vandaag de Lonely Planet route het Bolaven plateau op. Appeltje eitje zou je zo zeggen. Bij de brug beginnen, Highway 13 volgen en na 8 kilometer een busstation. Dat is natuurlijk het busstation waar we gisteren zijn uitgestapt. Dus we springen op de fiets en beginnen enthousiast. Na 10 kilometer beginnen we argwaan te krijgen.

Na 15 kilometer schuiven we zenuwachtig heen en weer op de fiets en na 18 kilometer vol in de remmen. Ampel beraad levert op dat we verkeerd rijden. Er is blijkbaar ook een busstation 8 kilometer zuidelijk van Pakse aan Highway 13 ?! Dus omkeren maar. Om 10 uur zijn we weer terug bij af, terwijl we toch ruim 30 kilometer achter de kiezen hebben. We besluiten eerst maar een ontbijtje te scoren. Met volle buikjes zakken we af naar het zuiden en wat blijkt: het gaat al snel gestaag omhoog zoals de LP belooft en inderdaad komen we na 8 kilometer langs een busstation.

Uitblazen met uitzicht op de prachtige
Tad Fan watervallen.
De laatste meters naar het guesthouse zijn zowaar weer eens onverhard.

Bergen zijn het ideale terrein voor Marcel (dus niet !) en daarom geniet hij met volle teugen als hij kan aanhaken bij een vrachtwagen die bijna net zo langzaam als hij naar boven kruipt. Ook het regenbuitje onderweg is voor Marcel een welkom excuus om te schuilen en dus de benen stil te houden, waarna er voor de anderen niets anders opzit dan zijn voorbeeld te volgen. Tijdens deze ingelaste stop maken we dankbaar gebruik van het aanbod van een Chinese handelsreiziger om 20 dollar te wisselen in Laotiaans kippen. Zijn dag is goed na deze verdienste en ook wij zijn blij weer lokaal geld te hebben dat we op de markt o.i.d. kunnen uitgeven.
Onderweg maken we nog even een ommetje om de Tad Fan waterval te bekijken en foto's te maken. We komen tegen de schemering aan bij het door de LP aangegeven guesthouse. In de bijbehorende kantine nuttigen we het avondeten en gaan als vanzelfsprekend met de kippen op stok.



Zondag 1 december

Paksong-Attapeu. (123 kilometer)

  Na het echec van gisteren meteen bij de eerste de beste splitsing (na 1 kilometer) van de Lonely Planet route af om zelf weer na te gaan denken. De chauffeur van het taxibusje dat daar staat weet te vertellen dat beide wegen naar Attapeu gaan, dat de oude weg onverhard is en maar 90 kilometer en de nieuwe verhard en 130 kilometer (bij aankomst zal blijken dat hij gelijk heeft, hij zit er in beide gevallen alleen 30 kilometer naast). Natuurlijk kiezen voor de onverharde weg Dat blijkt een goede zet.

Geen asfalt maar een lekkere dirt road die vele kilometers gestaag omlaag gaat met aan weerszijde van de weg bomen. Onderweg stoppen we bij een tolpoort die daar neergezet en natuurlijk is het betalen geblazen. Eerst willen we er niet aan want de bediende van de slagboom is maar een klein mannetje, maar nadat we het geweer van zijn grote broer zien besluiten we toch maar de gevraagde 5000 kippen te overhandigen.
Dan gaat het in een heerlijk duizelingwekkende vaart naar beneden en slaan we rechtsaf richting Attapeu. De lol is snel over; de dirt road maakt plaats voor een kapotgebombardeerde weg zoals we er later nog velen zullen tegenkomen in Cambodja. Het is verschrikkelijk om te moeten fietsen over deze weg. Binnen de kortste tijd zijn onze benen en vooral onze konten beurs.

Afstappen en heel voorzichtig deze brug over is het devies.
Een heldenontvangst voor Marcel in Attapeu.

Gelukkig begint 26 kilometer voor Attapeu een gloednieuwe snelweg zodat we de laatste kilometers in recordtempo afleggen.
Bij het binnenrijden van Attapeu blijkt dat het vanavond groot feest is ter ere van de Nationale Dag. Dus snel wassen en scheren en in ons zondagse pakkie de stad in. Daar aangekomen storten we ons in het feestgewoel en genieten van het lokale zangtalent dat op het centrale podium optreed. Onderweg komen we tot onze verrassing ook nog een Schot tegen: Bill. Hij ziet onze fietsen staan en vertelt dat hij ook op de fiets is. We vertellen hem van ons plan om de morgen via Highway No 18 naar Champasak te rijden. Dat is hij ook van plan, maar weet te vertellen dat het volgens de lokaaltjes onmogelijk is omdat deze weg niet meer bestaat. We besluiten acuut deze route te volgen en te kijken wat voor avontuur ons te wachten staat !



Maandag 2 december

Attapeu-Ban Pha Phu (110 kilometer).

  Ga er maar rustig voor zitten en huiver bij het verslag van een van de zwaarste maar ook een van de mooiste etappes die we deze vakantie hebben gefietst.
De dag begint met een lekker bakkie koffie en daarom zijn we wat laat op pad (7 uur).

Fout 1 van deze dag. Voor de verandering fietsen we eerst de verkeerde kant op en zo 4 kilometer om (fout 2). We doen de eerste 40 kilometer rustig aan en stppen veel onderweg om lekker met de lokaaltjes te kwebbelen (fout 3). Daarom komen we om een uur of 9 onze vriend Bill tegen die een uur later begonnen is maar zijn stalen ros wel de sporen heeft gegeven. De rest van de dag zijn we met z'n vieren op stap. Na de eerste rivier wordt de goed begaanbare dirt road, die de trotse naam Highway No 18 nog verdiend, vervangen door een miezerig pad dwars door de jungle. We moeten verschillende keren van onze fiets om deze over bomen heen te tillen of om verschrikkelijk diepe plassen te ontwijken.
Dit soort van oponthoud zorgt ervoor dat we maar weinig opschieten. Ook het feit dat we onze fietsen over verschillende rivieren moeten dragen vertraagt het tempo.
Na een paar uur is bovendien ons water op (fout 4). Tot lol van de anderen scheurt Jeroen uit zijn T-shirt en rijdt Kees in een moment van onoplettendheid in een verschillelijk diepe modderpoel, waarna hij direct gelanceerd wordt en onder de modder en knorrend als een varkentje weer bovenkomt. Een lokaaltje die net uit de jungle komt stappen en het tafereel voor zich ziet komt niet meer bij van het lachen. Al snel krijgt onze Schotse vriend Bill zijn deel. Er komt een tak tussen zijn wielen en verscheidene spaken scheuren uit de velg van zijn achterwiel. Het geheel blijkt onmogelijk te maken en hij moet met een wrak achterwiel verder. Even later stopen zijn versnellingen ermee maar een snelle inspectie leert dat ook hier niets meer aan te doen is en Bill moet dus al slingerend de bewoonde wereld zien te bereiken.


Een moment van onoplettendheid met bovenstaande actiefoto als resultaat.
Marcel vol gas over het pad dat eens de trotse Highway No. 18 was.

Gelukkig maakt de natuur om ons heen veel goed. Ook het feit dat we onder de bomen door fietsen en daardoor de temperatuur binnen de perken blijft maakt het aangenaam.
Bij elke afslag (lees elk pad dat meer dan 30 cm breed is) doen we zo goed mogelijk navraag bij lokaaltjes, althans als deze voor handen zijn. Bij de één na laatste rivier die we over moeten stroomt het water zo snel dat we onze tassen één voor één half zwemmend, half lopend naar de overkant moeten brengen. Tijdens de overtocht glijdt Jeroen ook nog uit en gaat koppie onder. Hij kan zich pas 5 meter verder aan een steen vastgrijpen en zich de kant op te hijsen.
Na de oversteek nemen we meteen maar een bad in het helder stromend en heerlijk koele water. We drinken er niet van alhoewel we ondertussen allemaal een verschrikkelijke dorst hebben. Als we weer willen opstappen blijkt dat Marcel, tot overmaat van ramp, ook nog een lekke band heeft hetgeen ons een kostbaar kwartier kost.
En dan is er opeens de koek en zopie kraam waar we naar geschacht hebben. 8 liter water is de de bestelling en alhoewel het lauw water is smaakt het beter dan Bier Lao en dat wil wat zeggen zoals de kenners weten. Na deze welkome interruptie steken we de laatste rivier over De weg wordt weer een goed begaanbare dirt road. Snel weer verder is het devies want het begint al te schemeren. Wel doen we steeds navraag om uit te vinden of er een guesthouse o.i.d. in de buurt is. Al snel blijkt dat er in het dorp Ban Pha Phu een guesthouse is dat bekend is om zijn olifanten. Maar niemand weet
te vertellen hoever we van de olifanten af zijn. Elke keer dat we navraag doen komt er zelfs een paar kilometer en een olifant bij.
En dan is het plots donker en is de snelheid er uit. Gelukkig heeft Jeroen zijn zaklamp bij zich en hij kan ons als een soort blinde geleidehond langs de ergste kuilen en obstakels leiden.
Bij een van de dorpjes waar we wat water kopen wijzen ze ons op een reclamebord waarop het guesthouse aangegeven staat, verder vermeld het bord dat we hier van de "highway" afmoeten en dat het naar het dorpje Ban Pha Phu nog 7 kilometer is. Daarmee is het leed geleden want we weten nu dat we het zullen halen vandaag.
Rustig maken we de laatste 7 kilometers vol en bij het guesthouse aangekomen moeten we de eigenaar wakker maken, want zoals het hier gebruikelijk is gaat iedereen met de kippen op stok. Het is tenslotte al 9 uur s' avonds. Nadat dat we een bed aangewezen hebben gekregen nemen we snel een douche en genieten van het heerlijke diner dat de eigenaar voor ons in elkaar draait (kleefrijst met een gebakken ei).
Tijdens het diner besluiten we de trotse highway No 18 om te dopen in "The lost highway". En we komen tot de conclusie dat de mensen in Attapeu gelijk hebben als ze zeggen dat het met de auto, motor of brommer onmogelijk te doen is. Maar met de fiets is het, ondanks of juist dankzij de foutjes in het begin van de dag, een fantastisch avontuur !
Daarna als een stel lofe ezels op bed aan.

 

Dinsdag 3 December



Ban Pha Phu-Champasak. (47 kilometer).
  Na de beproeving van gisteren besluiten we het rustig aan te doen. Eerst geïnformeerd of het mogelijk is om op een olifant te rijden (gisteren hadden we namelijk van iedereen gehoord dat er olifanten waren in Ban Pha Phu). De eigenaar blijkt inderdaad de trotse bezitter van een aantal olifanten (detail daarbij is dat hij daarom van de lokale politie de opdracht heeft gekregen om ook een guesthouse te openen zodat het dorp zich zou ontwikkelen tot dé toeristische trekpleister van de regio).
Jeroen en Marcel melden zich spontaan aan voor een ritje. Kees bedankt voor de eer en biedt belangeloos aan om de fietsen schoon te maken. Hij raadt beide heren tussen neus en lippen door wel aan om niet één uur maar twee uur op het beestje plaats te nemen. Beide heren vertrouwen het zaakje echter niet en boeken een tochtje van 1 uur. Dat blijkt achteraf ook ruim voldoende: lang genoeg om van het ritje te genieten maar kort genoeg om de toch al beurse kont nog iets te sparen. Om 12 uur zwaaien we onze vriend Bill -hij gaat naar Pakse om daar een nieuw achterwiel te bemachtigen alvorens zijn reis voort te zetten- en na de lunch gaan we zelf ook weer op pad.

Een teer punt zo'n ritje op de Olifant van de Guesthouse eigenaar. Zeker na de konningerit van gisteren.
Uitzicht over de Mekong vanaf de pont naar Champasak.

Champasak is maar 47 kilometer ver maar toch is het een zware dag. De hitte speelt ons parte (omdat we op het heetst van de dag vertrekken) maar ook doen onze benen nog pijn van de prestatie van gisteren.
Na 27 kilometer op een heerlijke dirtroad komen we onze rode draad in Laos (highway No 13) weer tegen. Omdat deze geasfalteerd is met zwart asfalt (waarom toch?), is het zelfs nog warmer dan op de dirtroad. En Kees valt meteen in de prijzen. Na 150 meter asfalt rijdt hij over een spijker en heeft meteen zijn eerste lekke band van de vakantie te pakken.
De rest van de rit gedragen we ons gedwee en pakken op gezette tijden onze rust. Dan geeft een bord aan dat we van de weg af moeten en met de pont de Mekong over om naar Champasak te gaan. Zo gezegd zo gedaan. Daar aangekomen scoren we een hotelletje en gaan meteen aan de was wetende dat we morgen een rustdag hebben en dat de spullen dus de tijd hebben om te drogen. En een wasbeurt is zeker geen overbodige luxe, de meeste kleren zijn ondertussen te goor om vast te pakken en alle kleren stinken tegen je op.


Woensdag 4 december

Champasak. (22 kilometer)

  Voor het eerst in 2 weken weer uitslapen. Wat een feest !
Meteen blijkt ook dat we een goede dag uitgezocht hebben om rustig aan te doen want het is om 9 uur al niet meer uit te houden in de zon.
Toch stappen we weer op de fiets maar dan om dé lokale attractie te scoren: een Khmertempel uit de 6e eeuw. Marcel vindt het al snel best en als blijkt dat ze naast een stapel oude stenen ook nog een hypermodern toilet hebben besluit hij om naar zijn borrelende ingewanden te luisteren en in de nabijheid van de wc te blijven. Jeroen en Kees nemen de honneurs waar en werpen zich vol overgave op de stapel oude stenen en besnuffelen en fotograferen deze van alle kanten. Maar zelfs met wilde verhalen kunnen ze Marcel niet overtuigen dat ze een beter keuze hebben gemaakt.
Schitterende uitzicht op Wat Phu.
Een tempelcomplex uitgeroepen tot Wereld Erfgoed door de UNESCO.
Marcel en Jeroen laten vandaag de benen rusten en hangen de toerist uit.

Daarna terug naar het hotel om te genieten van een welverdiende siësta. Het enige 2 feiten die het vermelden waard zijn is dat we geld hebben gewisseld en dat we zowaar Bill weer tegengekomen zijn. Eerst het wisselen. Marcel zijn 50 dollarbiljet vertoont een scheurtje en kan daarom niet ingewisseld worden voor een stapel Laotiaanse vodjes. Het enige wat er op zit is om een net biljet te voorschijn te toveren, waarna we weer een paar dagen verder kunnen. Maar een verrassing is dat we onze schotse vriend Bill weer tegenkomen. Hij blijkt er niet in geslaagd om een goed wiel te vinden in Pakse en is op weg naar Thailand, maar niet voordat hij nog een paar dagen heeft genoten van Champasak. We vieren onze vriendschap nogmaals met een paar biertjes bij het eten zodat het op deze rustdag toch nog uit de klouwen loopt.


Donderdag 5 december

Champasak- Don Det. (127 Kilometer)

  Voor dag en dauw op en met het ochtendgloren nemen we de pont naar de overkant om weer terug te keren naar de ons bekende highway No 13. De eerste kilometers rijden we dezelfde weg terug als eergisteren. Onderweg kiezen we nog even een paar fotogenieke momenten uit omdat het licht nu beter. Met als voornaamste resultaat een foto van de wijze waarop de Laotiaanse politie een ongeluk vastlegt. Want tijdens onze korte tijd hier zijn we tot de conclusie gekomen dat de vele cartoons op de weg het resultaat zijn van ongelukken en dat velen in het verkeer het loodje leggen. Na onze frisse start begint de zon weer goed te schijnen en al snel blijk tdat er vandaag, ondanks dat het sinterklaas is, er geen kadootjes uitgedeeld worden. Gelukkig heeft Jeroen een van zijn goede dagen en sleurt kilometers op kop. De hitte op de lange rechte weg begint uiteindelijk zijn tol te eisen. Marcel begint te ijlen: na ruim 80 kilometer begint hij te roepen dat we moeten kijken of onze sturen het nog wel doen. Wat blijkt, er verschijnt een bord langs de weg waarin gewaarschuwd wordt voor een bocht. Het is een flauwe maar toch, na een hele dag op deze rechte weg is het toch een verrassing.
Het plan is om naar Koh Kong te gaan en net als we de afslag nemen zien we een mooie tempel. Omdat we toch ook op vakantie zijn schrijven we dit gebedshuis ook nog even op het lijstje bij. En eerlijk is eerlijk het is een goede keuze zeker omdat we door een stel pelgrims uitgenodigd worden om bij ze aan te schuiven aan tafel. Daar laat vooral Jeroen zich niet onbetuigd en begint lekker alle gegrilde vogeltjes op te eten die hem aangeboden worden. Marcel zit vol afgrijzen te kijken hoe zijn dierenvriend van deze lekkernijen zit te genieten.
Na de uitgebreide lunch hebben we dorst gekregen en besluiten we bij een winkeltje aan de voet van de tempel nog even een drankje scoren, waarbij we met volle teugen genieten van de varkens die vrolijk om ons heen scharrelen. Genoeg gerust, we gaan op weg naar de veerboot die ons naar Koh Kong zal brengen. Echter, er blijkt echter een soort bootmaffia ingesteld te zijn. Er wordt ons een boot aangewezen die ons naar de overkant mag brengen. De prijs voor onze overtocht wordt door de heren echter even snel verdrievoudigd tijdens een geanimeerd gesprek in het Lao. Als Kees dit gesprek opvangt wenst heeft hij de booteigenaar in zijn beste Lao naar de hel en we besluiten om lekker weer een stukkie te gaan fietsen.

Genieten in een tempel langs de kant van de weg en meteen ontsnappen van die hitte op het midden van de dag.
Vandaag gaat de reis rechtdoor maar de 116 km op het bord doen ons terugdenken aan de mooiste rit tot zover.

Het is nog 20 kilometer extra om bij Don Det te komen. Ook een eiland in de Mekong. Hier worden we wel op een normale manier ontvangen en naar het eiland gebracht. Gelukkig hebben we ons eigen vervoermiddel en kunnen we het gehele eiland op de fiets verkennen. We blijven steken bij een guesthouse aan de meest verre kant van het eiland. De dame van het guesthouse (tevens kok) heeft meteen een zwak voor Kees als duidelijk wordt dat hij zich verstaanbaar kan maken in het Lao. We besluiten het uit te buiten en bestellen allerlei lekkere dingen. Dat is maar goed ook want zo rond etenstijd is het verschrikkelijk druk, en om de kok niet helemaal gek te maken hebben wachten we met bestellen van het diner tot het weer wat rustiger is.
Daarna als 3 welgevulde varkentjes naar bed.


Vrijdag 6 december

Don Det (Laos) Strung Treng (Cambodja) (91 kilometer).

  Cambodia here we come !
Altijd leuk om naar een ander land te gaan. Vandaag dus weg uit Laos en naar het buurland.
Maar eerst nog even naar de zoetwater dolfijnen kijken die hier in de buurt rondzwemmen. Dus staan we weer met de krieken van de dag op en huren een boot om over de Mekong naar de plek te varen waar deze olijke beestjes kunnen worden gespot. Gelukkig zijn de dolfijnen ook al wakker en kunnen we ze verschillende keren van dichtbij bekijken. Echt de moeite waard om voor uit je bed te komen ! Ook de tocht over het water is schitterend. Heerlijk om weer eens wat anders te doen dan fietsen.

Daarna terug naar het guesthouse. Fietsen in een boot (want Don Det is een eiland) en terug naar de hoofdweg nummer 13.
Daar beginnen we aan de volgende etappe van onze fietstocht. Na een half uurtje stoppen we even bij de mooiste watervallen van Laos. Omdat het Laotiaanse geld op is besluiten we dat alleen Jeroen gaat kijken maar Marcel en Kees geven hem wel de opdracht mee foto's te nemen zodat ze er thuis alsnog van kunnen genieten.

Zonsondergang op Don Det. Geen wonder dat het er stikt van de toeristen.
De Mekong op om dolfijnen te spotten. Ze zijn er wel degelijk maar ze op de foto krijgen is een ander verhaal.
Daarna eindelijk echt op pad. Om 12 uur zijn we bij de grens maar daar worden we eerst de verkeerde kant op gestuurd; richting de Mekong waar je met de boot naar Strung Streng kunt. Maar daar aangekomen blijkt dat als we met de fiets de grens over willen we terug moeten gaan om het pad in het verlengde van Highway No 13 te volgen.

De Khon Phapheng watervallen.
Nog even snel een foto bij de grens voordat de eindeloze onderhandelingen beginnen over de additionele kosten om Laos te verlaten en Cambodja binnen te komen.
Daar begint de ellende. Hebben onze Japanse vrienden de gehele hoofdweg (13) naar het zuiden geasfalteerd, deze laatste kilometer zijn ze vergeten. Dat resulteert in Jeroen zijn laatste lekke band in Laos. Na de, bij deze grensovergang, gebruikelijke onderhandelingen (score 5 US dollar bij de Lao en 3 bij de Khmer) mogen we eindelijk de grens over. Het is wel duidelijk dat de heren grenswachten hier niet veel te doen hebben. Ze vertellen dat er gemiddeld 2 personen per maand op de fiets langskomen en nog een handvol op de motor, en dan alleen nog in het droge seizoen. Geen wonder dat de heren wat bijklussen om de eindjes aan elkaar te knopen.

Op de weg blijven; Landmijnen !
Jeroen lijdt op deze eerste kilometers op Cambodiaans grondgebied.

Al snel wordt duidelijk dat onze Japanse vrienden in Cambodja hun jennetjes nog niet hebben laten rinkelen. Van de oude weg is niets meer over. Alles is in de jaren '70 van de vorige eeuw weggevaagd. Maar omdat we op tijd moeten zijn voor de laatste pont naar Stung Treng is de enige optie om zo snel mogelijk door te rijden met zo min mogelijk pauzes. Het is verschrikkelijk zwaar. Gelukkig komen rond de schemering aan bij de veerpont en dat na een tijdrit van 57 kilometer over een van de slechtste wegen op deze aardbol.
We scoren het eerst guesthouse dat we tegenkomen, eten wat en gaan snel naar bed. We kunnen geen pap meer zeggen en we worden alle drie in onze slaap geplaagd door nachtmerries die het gevolg zijn van het vage idee dat ons morgen weer net zo'n beproeving staat te wachten.

De rest van het verslag is te vinden onder de Cambodja pagina
Volg deze link

Groetjes van Jeroen, Marcel en Kees.

Reisverslag Cambodja

Reisverslag Thailand

Laatste update 5 februari 2006